woensdag 30 april 2014

Anne

In Mardeuil word ik opgewacht door Anne.
Het was een mooie wandeldag: langs de beboste hellingen van Rilly-la-Montagne omhoog, fraaie uitzichten over de Marnevallei, omlaag door de wijngaarden om de rivier over te steken.
Bij de Mairie staat een stevige mevrouw.
- Je m'appelle Anne.
Ik ben wat later dan afgesproken en verontschuldig me.
Op constaterende toon:
- ik ben het gewend.
Ze gaat me voor, opent de deur van een tamelijk nieuw gebouw aan het dorpsplein. Het is een ongewone combinatie van kantine met een grote keuken en kinderopvang. De keuken staat vol met glanzend stalen apparatuur en kasten. In de koelkast staan resten van de week: soep, rijst, wortelen, appelmoes, yoghurt en ik mag het allemaal hebben.
Anne geeft me geen sleutels, maar stelt een tijdklok in. Ik kan nog twee uur naar buiten en weer terug.
Ik warm soep, rijst en groente op.
Om te slapen leg ik drie speelmatten  op elkaar. Ik slaap vannacht met Barbapappa tussen de kabouterstoeltjes.

's Nachts maakt de jeugd lawaai op het dorpsplein. In het rode licht van de natriumlampen ziet dat er in unheimisch uit.
's Ochtends word ik wakker van bedrijvigheid voor de deur. Er wordt een brocanterie opgebouwd.
Ik ontbijt, pak mijn rugzak en ga naar buiten. Het is gezellig druk, de sfeer van de vrijmarkt in Utrecht die ik gemist heb.
Bij een kruispunt wil ik de straatnamen controleren in mijn routeboekje. Waar is het boekje? Nee! Boekje laten liggen! En ik kan er niet meer in! En het is zondag, de Mairie is dicht! Ik loop eerst wat verdwaasd door de menigte in de hoop dat ik Anne tegen kom. Nee.
Uiteindelijk is het simpel. Op het plein bij de Mairie schenken vrijwilligers koffie en die bellen Anne. Trouwens, ze woont boven de Mairie, daar, dat open venster. Ze slaapt nog, maar ze komt zo. Even later heb ik mijn boekje weer.
In mijn simpele Frans put ik me uit in excuses.
Ze reageert niet. Haar blik zegt:
- Ik ben het gewend

maandag 28 april 2014

Bones


Bones

De ontbijtzaal is groot en leeg. Aan de muur een foto waarop Johannes Paulus II met een aantal mannen in paars en rood aan een ontbijttafel zit, was dat soms in deze zaal?
Helemaal achterin, voor een grote kast met spiegel, staat een lange tafel. Daarop een dienblad met een kan heet water, zakjes koffie en thee, stokbrood, cupjes jam. Vandaag twee bordjes, er is een medepelgrim, Hans, die naar Rome loopt. Hij overnacht meestal in een tentje en heeft het 's nachts dan stervenskoud.
Vóór ik ga lopen even snel mijn nieuwe simkaart opwaarderen in een Tabac. Ik steek schuin een parkeerplaats over, achter een uitrijdende auto aan. Zoef!!! langs mijn linkeroor.  Ik zie dat de slagboom me net gemist heeft. Ja, raar gevoel, beschaamd, beduusd, beteuterd...  Niemand lijkt het gezien te hebben.
De eerste kilometers gaan langs een kanaal. Joggers rennen me voorbij. Bij een sluis staat een bord: Compostelle 2400 km.
Door een winderig Centre Commerce over veel te veel asfalt, dan een lang, rustig pad langs een spoorlijntje. Er vallen spatjes regen.
Ik kom tenslotte aan in Rilly-la-Montagne waar flink wat huizen verklaren dat ze het domein van een of ander champagnemerk zijn.
De gîte is voor mij alleen. In de kast ligt nog een beetje macaroni, dat vul ik aan met rode biet, tomaat en sperzieboontjes uit de supermarkt. Met de voeten op tafel kijk ik naar een aflevering van Bones

Maison de la Vie Associative

24 april 2014, Reims

Een mooie manier om echt aan te komen en te onthaasten: voor het rode stoplicht staan en wachten tot het groen wordt. Links en rechts van me trekken mensen een sprintje over het zebrapad en ik  wacht en kijk om me heen. Reims, daar ben ik nu, net  aangekomen, hierheen geflitst met de Thalys, om de Via Campaniensis weer op te pakken. Ik heb een kamer in het Diocesaan Huis St. Sixte met uitzicht op de grote binnencourt. In de hal staat een gefiguurzaagde voorstelling van de intocht van Jezus in Jeruzalem Het is rustig. "Lentevakantie", zegt de mevrouw van de Accueil. Ze moet nu voor haar collega's waarnemen en spoort zichzelf hardop aan: "Allez...  hop, hop, hop.... hop, hop, hop..."
De volgende dag ben ik nog toerist. Ik zoek en vind een Franse sim-kaart en bezoek kathedraal, basiliek en de Jacobskerk. In de basiliek is net een begrafenis afgelopen. Ik zie tussen de pilaren van het koor door hoe een kist op de schouders van zes mannen de kerk uitgedragen wordt.
Ergens op de dag passeer ik een parkeerplaats. Een auto rijdt het terrein af en daarachter is er plotseling gedoe. Een oude vrouw met boodschappentas liep achter de auto aan en kreeg de dalende slagboom op haar hoofd. Mensen om haar heen. Ze blijft overeind, wrijft met haar handen door het haar en lijkt zich vooral beschaamd te voelen.
En het Huis van het Associatieve Leven staat er echt, in de Rue de Barbâtre. Associatief leven, ik krijg er allerlei mooie... ja, associaties bij. Had ik verder maar niet in het woordenboek gekeken

dinsdag 22 april 2014

Morgen, woensdag 23 april 2014, vertrek ik naar Reims en vanaf vrijdag ga ik wandelen, richting Vezelay, en vandaar rechtsaf, Limoges en de Dordognes. Op onregelmatige tijden zal hier een blog verschijnen.